Elk jaar publiceren onze experts een statistische nota over de demografie van de ondernemingen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Oprichtingen, stopzettingen, faillissementen, migraties en ondernemersdynamiek worden geanalyseerd om een beter beeld te krijgen van de evolutie van het Brusselse economische weefsel.
Sterk dalende groei van het aantal bedrijven
Op 31 december 2023 waren er in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 119.084 btw-plichtige ondernemingen, zijnde een stijging van 0,7% ten opzichte van 2022. Hoewel die stijging positief is, is het de laagste groei sinds de coronacrisis.
Deze evolutie staat in contrast met wat er op nationaal niveau gebeurt, waar het aantal bedrijven sneller groeit. Ze past ook in een langetermijntrend die wordt gekenmerkt door een geleidelijke daling van het aandeel van de Brusselse bedrijven in het nationale totaal. Verschillende factoren spelen een rol in de vertraging, met name de daling van het aantal oprichtingen en het aanhoudende migratietekort.
Minder oprichtingen
In 2023 werden er in Brussel bijna 12.000 nieuwe bedrijven opgericht, wat neerkomt op een daling van 7,7% ten opzichte van het voorgaande jaar. Die daling is deels te verklaren door het vergelijkingseffect met 2022, een jaar dat gekenmerkt werd door een sterke stijging van de registraties in de gezondheidszorgsector als gevolg van een wetswijziging met betrekking tot de btw-plicht.
Afgezien van dit regelgevende effect blijft het aantal oprichtingen lager dan vóór de coronacrisis. De vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten blijven evenwel een drijvende kracht achter het Brusselse ondernemerschap en vertegenwoordigen bijna een derde van de oprichtingen in 2023.
Een flinke stijging van het aantal stopzettingen
Naast de daling van het aantal oprichtingen blijft het aantal stopzettingen stijgen. Meer dan 10.000 bedrijven hebben in 2023 hun activiteiten in Brussel stopgezet, een stijging van 11% ten opzichte van 2022.
Het stopzettingspercentage benadert het niveau van voor de pandemie en ligt boven het nationale gemiddelde. Sommige sectoren lijken extra kwetsbaar, met name vervoer en opslag, het onderwijs en de horeca, die de hoogste stopzettingspercentages laten zien.
Netto-oprichtingen gehalveerd
Het gecombineerde effect van de daling in het aantal oprichtingen en de stijging in het aantal stopzettingen leidt tot een flinke daling van het aantal netto-oprichtingen van bedrijven. In 2023 zijn er in het Gewest nog maar 1.649 netto-oprichtingen, tegenover meer dan 3.600 een jaar eerder.
De ondernemersdynamiek, die de verhouding meet tussen het aantal netto-oprichtingen en het gemiddelde aantal actieve bedrijven, daalt daarmee naar 1,4%, wat minder dan de helft is van het niveau van 2022.
Deze terugval zien we vooral in bepaalde sectoren. De handel, de horeca, de bouw en de financiële activiteiten en verzekeringen laten een negatief saldo zien: er zijn meer stopzettingen dan oprichtingen. Deze situatie wijst op de moeilijkheden van verschillende activiteiten die sterk gevoelig zijn voor veranderingen in kosten, rente of consumptiegewoonten.
Grote verschillen tussen de sectoren
Wanneer we naar de sectoren kijken, blijkt dat de realiteit per economische activiteit sterk verschilt.
Aan de ene kant blijft het aantal ondernemingen toenemen in de sterkst groeiende sectoren gezondheidszorg, onderwijs en kunst, amusement en recreatie. Die sectoren dragen actief bij aan de vernieuwing van het Brusselse ondernemerslandschap.
Aan de andere kant zien verschillende sectoren het totale aantal bedrijven dalen. Dat geldt met name voor de handel, de bouw, de verwerkende industrie, de financiële activiteiten en verzekeringen en de horeca. Deze evoluties bevestigen bepaalde structurele kwetsbaarheden die al in de afgelopen jaren werden waargenomen.
Faillissementen blijven onder het niveau van voor de crisis
In 2023 werden 1.679 Brusselse bedrijven failliet verklaard. Dat cijfer is licht gedaald ten opzichte van 2022.
Ondanks de verbetering blijven de faillissementen geconcentreerd in een beperkt aantal sectoren. De handel, de bouw en de horeca zijn nog steeds verantwoordelijk voor het grootste deel van de faillissementen in de hoofdstad. De horeca is ook de sector waar de meeste banen verloren gaan als gevolg van faillissementen.
Belangrijk om weten is dat het aantal faillissementen nog steeds aanzienlijk lager ligt dan vóór de coronacrisis. De situatie ziet er dus beter uit dan in 2019, ook al staan bepaalde activiteitensectoren nog onder druk.
Een blijvend migratietekort
Net als de voorgaande jaren blijft het Brussels Hoofdstedelijk Gewest het enige Belgische gewest waar meer bedrijven vertrekken dan er bijkomen. Het migratiesaldo blijft negatief in 2023.
De situatie verbetert echter geleidelijk. Het migratietekort neemt af ten opzichte van het voorgaande jaar, wat aangeeft dat het aantal vertrekkende en instromende bedrijven dichter bij elkaar komt te liggen.
De sectoren horeca en handel vormen de belangrijkste uitzonderingen, met meer instromende dan vertrekkende bedrijven. Aan de andere kant blijven de bouw, informatie en communicatie en vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten de grootste migratietekorten vertonen. Ondanks dit negatieve saldo blijft Brussel met voorsprong het Belgische gewest waar bedrijven het meest mobiel zijn. Bedrijfsverplaatsingen komen er veel vaker voor dan in Wallonië of Vlaanderen, wat de centrale rol van de hoofdstad in de ondernemersdynamiek van het land bevestigt.